De Nederlandse landgeit is een zeldzaam huisdier ras. Het bepaalde vele jaren lang het gezicht van de geiten in Nederland. Begin 1900 deden steeds meer buitenlandse rassen hun intrede en deze namen in populariteit toe door hun hogere opbrengst in melk en vlees. Hierdoor raakte de Nederlandse landgeit steeds meer in de vergetelheid... Het is dankzij een aantal enthousiaste fokkers dat dit ras vandaag de dag nog te aanschouwen is in de Nederlandse weides en natuurgebieden. 

Dr. van Bemmel heeft in 1958 het allerlaatste paar geiten, afkomstig uit een Goois Natuurreservaat naar Diergaarde Blijdorp heeft gebracht en daaruit een kleine fokgroep opgebouwd.  Vanuit deze smalle basis is men weer begonnen het leven van de Nederlandse landgeit letterlijk en figuurlijk nieuw leven in te blazen. De genetische basis is vandaag de dag weer redelijk te noemen.

Het zijn middelgrote en stevige geiten met vrij korte poten. De kleur is heel vaak bont. Bijvoorbeeld wit met zwarte, bruine en of grijze vlekken. Ook komen effen dieren voor en wildkleurige. Ook komt wildkleur voor in combinatie met wit en zelfs bijna geheel witte dieren zien we ook af en toe. Tevens is de lichaamsbeharing vaak middellang tot lang. 

Zowel de geiten als de bokken hebben horens en een sik maar de bokken vallen direct op door hun monumentale horens. De bokken hebben meestal een bokkenpruik, die vooral bij jonge dieren goed uitkomt.

Tevens is de wipneus zeer karakteristiek voor de Nederlandse landgeit en dit kenmerk onderscheid ze ook direct van veel andere geitenrassen. 

 

Maar helaas is de basis smal en zijn nieuwe fokkers, van dit bijzondere ras, van harte welkom. 

Ook ik draag graag mijn steentje bij aan het behouden van de Nederlandse landgeit voor ons nageslacht. 

De zo bijzondere bokkenpruik is natuurlijk prachtig om te zien.